Zonovergoten Lentedrink in Koningshooikt: “Jut is een dorp om te koesteren”
Onder een stralende lentezon stroomde het plein De Laag vandaag vol voor de jaarlijkse Lentedrink. De inwoners van Koningshooikt – in de volksmond ‘Jutteneers’ – genoten van lokale lekkernijen, muziek van de verenigde fanfares en een hoopgevende toespraak van burgemeester Verwaest.
De burgemeester, geflankeerd door het volledige schepencollege, hield de sfeer erin met een humoristische noot over de kortheid van zijn speech. In zijn toespraak loofde hij de unieke eigenheid van het dorp. “Jut is een prachtig dorp met een sterk sociaal weefsel en bloeiende verenigingen.” . Hij verwees hierbij naar diepgewortelde tradities zoals de Varkenskoppenverkoop, het nieuwjaarszingen en de jaarmarkt, maar ook naar nieuwe successen zoals het vernieuwde concept van de kerstmarkt.
De burgemeester riep de inwoners op om deze tradities te blijven koesteren: “In de kilte van grote steden verwelken ze snel, maar hier in een warm dorp blijven ze goed.”
Naast de festiviteiten was er ook ruimte voor een serieuze noot. De burgemeester stond stil bij de herbestemming van de Van Hool-fabriek, een dossier dat de regio sterk bezighoudt. Verwaest ziet echter vooral kansen voor het dorp: “Koningshooikt is altijd uniek geweest: een klein dorp met een gigantische economische motor waar heel Vlaanderen trots op was. Dat zullen we blijven.”
Met de Latijnse spreuk “Ardet nec consumitur” (Ik brand, maar verga niet) vergeleek hij de veerkracht van Koningshooikt met die van een feniks. De burgemeester sloot af met een knipoog naar de populaire cultuur door Vlaams icoon Pommelien Thijs te citeren: “Het beste moet nog komen!”
Wie er vandaag niet kon bijzijn , krijgt een nieuwe kans volgende zondag 29 maart tijdens de Lentedrink op de Grote Markt in Lier.